Vanaf 1 januari 2008 zijn winterbanden in Oostenrijk verplicht. De plicht geldt voor zowel personenwagens als bedrijfsvoertuigen. Hierbij de gestelde eisen op een rijtje:
Personenwagens, lichte bedrijfsvoertuigen en campers
- bussen met maximaal 8 zitplaatsen
- bedrijfsvoertuigen met een maximum toegestaan totaalgewicht tot 3.500 kg
Wanneer er tussen
1 november en 15 april sprake is van winterse omstandigheden, moeten de aangedreven wielen voorzien zijn van
sneeuwkettingen, of alle wielen van
winterbanden. Sneeuwkettingen zijn echter alleen toegestaan wanneer het wegdek bedekt is met een compacte sneeuw- of ijslaag, en het wegdek niet door de kettingen beschadigd kan worden.
Winterbanden, herkenbaar aan de M+S-codering, dienen op alle wielen gemonteerd te worden en een profiel te hebben van minstens 4 mm voor radiaalbanden en 5 mm voor diagonaalbanden.
Bedrijfsvoertuigen voor personenvervoer - Personenvervoer en autobussen met meer dan 8 zitplaatsen (max totaalgewicht 5 ton)
LET OP: van
1 november tot 15 april zijn aangelegde winterbanden en de aanwezigheid van een set sneeuwkettingen – tenminste op de aangedreven wielen –
verplicht.
Ook in Duitsland dien je tijdens sneeuw en ijzel winterbanden onder de auto te hebben!
Minimum profiel voor radiaalbanden: 5 mm
Minimum profiel voor diagonaalbanden: 6 mm
BoetesBestuurders van voertuigen die niet aan de bovenstaande eisen voldoen, riskeren een boete van € 35 tot € 5.000. Ook geldt de
omgekeerde bewijsplicht. Dat wil zeggen dat wanneer een bestuurder van een voertuig uitgerust met zomerbanden in de winter betrokken raakt bij een ongeval, bij voorbaat in staat van beschuldiging wordt gesteld. Ook kan het verzuimen van de winterbandenplicht leiden tot problemen bij het claimen van de schade bij verzekeraars en zelfs tot inbeslagname van het voertuig.